Politieoptreden onder vuur: twee rellen, twee verschillende reacties

Politieoptreden rellen:- De Nederlandse politie staat voor een moeilijke taak. Agenten moeten in seconden beslissen over situaties waarin spanning, geweld en gevaar samenkomen. Dat verdient respect.

Maar juist daarom moet de politie ook kunnen uitleggen waarom de aanpak in vergelijkbare situaties soms zo verschillend lijkt.

Twee gebeurtenissen blijven daarbij wringen.

Een minderjarige tegenover een dienstwapen

In juli 2022 loopt een boerenprotest tegen het stikstofbeleid uit op een zeer omstreden confrontatie bij Heerenveen. Een 16-jarige jongen rijdt met zijn tractor langs een politieblokkade. Een agent trekt zijn dienstwapen en schiet gericht op de cabine.

De kogel belandt naast de bestuurdersstoel.

De jongen overleeft het.

De rechtbank oordeelt later dat het gebruik van het vuurwapen niet gerechtvaardigd was en veroordeelt de agent wegens poging tot doodslag. Volgens de rechtbank was er geen reëel gevaar dat het afvuren van een kogel op een minderjarige rechtvaardigde.

Een ingrijpend oordeel.

Een individuele agent wordt uiteindelijk verantwoordelijk gehouden voor een beslissing die in enkele seconden werd genomen.

Amsterdam: eerst afwachten, daarna ingrijpen

Zet daar de rellen na een WK-wedstrijd van het Marokkaanse elftal in Amsterdam tegenover.

Grote groepen jongeren trekken de straat op. Er wordt vuurwerk afgestoken, voertuigen worden gevaarlijk gebruikt en agenten worden geprovoceerd.

Toch kiest de politie bewust voor terughoudendheid.

Sander van der Hulle, destijds Algemeen Commandant van de Mobiele Eenheid, verklaarde tegenover De Telegraaf dat er werd gewerkt met zogenoemde tolerantiegrenzen. De-escalatie was het uitgangspunt. Alleen bij ernstige wanordelijkheden zou worden ingegrepen.

De ME werd uiteindelijk slechts opgeroepen in Amsterdam-Osdorp. Tegen de tijd dat de eenheid arriveerde, was de groep verdwenen.

Dat was geen toevallige mislukking. Het was beleid.

De ongemakkelijke vraag

Politieoptreden rellen:- Niemand beweert dat iedere situatie hetzelfde is. Een agent die geconfronteerd wordt met een voertuig maakt een andere afweging dan een ME-commandant die een grote groep mensen moet inschatten.

Maar de vergelijking blijft bestaan.

Bij het boerenprotest werd een individuele agent achteraf strafrechtelijk verantwoordelijk gehouden voor een verkeerde inschatting van gevaar.

Bij de Amsterdamse rellen werd juist bewust gekozen voor het beperken van politieoptreden, ondanks openbare ordeproblemen.

Dat verschil roept vragen op.

Niet omdat de politie altijd harder moet optreden. Een politieorganisatie moet juist voorkomen dat situaties onnodig escaleren.

Maar burgers mogen wel verwachten dat er duidelijke en uitlegbare maatstaven bestaan.

Eén agent verantwoordelijk, een hele strategie niet?

Een opvallend verschil is waar de verantwoordelijkheid terechtkomt.

In Heerenveen ging het om het handelen van één agent. Zijn beslissing werd door de rechter getoetst en zwaar beoordeeld.

In Amsterdam ging het om een bewuste keuze vanuit de leiding om terughoudend op te treden.

Daar zit precies de spanning.

Wanneer een individuele agent een verkeerde inschatting maakt, volgen er juridische gevolgen. Maar wanneer een beleidskeuze achteraf tot discussie leidt, lijkt de verantwoordelijkheid veel diffuser te worden.

Dat voedt het gevoel bij een deel van de bevolking dat de regels niet altijd op dezelfde manier worden toegepast.

Geen vertrouwen zonder transparantie

Politieoptreden rellen:- De vraag die inmiddels ook door verschillende politici wordt gesteld, is niet of de politie altijd hard genoeg optreedt.

De echte vraag is: worden vergelijkbare situaties op een vergelijkbare manier beoordeeld?

Een rechtsstaat draait niet alleen om de bevoegdheden van de politie. Hij draait ook om voorspelbaarheid.

Burgers moeten erop kunnen vertrouwen dat de aanpak niet afhankelijk is van politieke gevoeligheid, maatschappelijke druk of de angst voor escalatie.

Daarom verdient deze vergelijking een serieus antwoord.

Niet door de politie bij voorbaat te veroordelen.

Wel door openheid te geven over de keuzes die worden gemaakt.

Want vertrouwen verdwijnt niet alleen door politiegeweld.

Vertrouwen verdwijnt ook wanneer mensen het gevoel krijgen dat de grenzen van wat wordt toegestaan niet voor iedereen hetzelfde zijn.