Belastingrente: kabinetsfout van 1,3 miljard. Wie is verrast?

De Hoge Raad heeft inmiddels het doek laten vallen over het belastingrente-experiment van de overheid. Jarenlang werd bij bedrijven die te laat waren met hun winstbelasting een rente gerekend die nergens op sloeg. Niet een tikje hoger. Niet symbolisch. Gewoon van vier naar acht procent. Pats. Verdubbeld. Waarom? Omdat het kon, blijkbaar.

De Hoge Raad fluit het kabinet terug over belastingrente. Een voorspelbare fout met een rekening van 1,3 miljard euro.

Belastingrente:- Er zat geen slimme economische theorie achter. Geen diepgravende analyse. Hooguit het idee dat hogere pijn sneller betalen afdwingt. Dat andere belastingen ongemoeid bleven, ach. Dat gelijke gevallen gelijk behandeld moeten worden, ja lastig. Dat proportionaliteit een basisregel is en geen hobby van juristen, tja.

Het ministerie vond het allemaal niet zo ingewikkeld. Bedrijven betalen te laat, dus die pakken we harder aan. Klaar. Dat diezelfde overheid zelf structureel te laat is met dossiers, compensaties en besluiten, laten we even buiten beeld. Dat is anders. Altijd anders.

De Hoge Raad keek er wel naar. En die was niet onder de indruk. Het gelijkheidsbeginsel bleek toch geen vrijblijvende suggestie. Waarom winstbelasting ineens twee keer zo zwaar werd bestraft als andere belastingen, kon niemand fatsoenlijk uitleggen. Geen inhoud. Geen afweging. Alleen haast en begrotingsdrift.

Het oordeel was dan ook helder. Te ongelijk. Te fors. Niet proportioneel. Met andere woorden: de staat heeft bedrijven behandeld alsof ze moreel verdacht waren, terwijl het ging om administratieve vertraging. Dat oordeel komt van dezelfde rechterlijke macht die normaal gesproken extreem terughoudend is richting beleid. Dan weet je genoeg.

En nu is er de rekening. Die komt niet terecht bij degene die dit bedacht. Ook niet bij de bestuurder die het goedkeurde of de ambtenaar die het uitvoerde. Die rekening belandt waar hij altijd belandt. Bij iedereen.

1,3 miljard euro verdwijnt omdat niemand bij Financiën even stopte en dacht: kan dit eigenlijk wel. Juridisch. Bestuurlijk. Moreel.

Het was bovendien geen verrassing. Ondernemers maakten bezwaar. Juristen waarschuwden. Intern werd al gefluisterd dat dit fout kon aflopen. De staatssecretaris bundelde de klachten en legde ze zelf voor aan de Hoge Raad. Met ingehouden adem. Misschien zou het meevallen en zou de rechter begrip tonen.

Niet dus.

En dat is maar goed ook. Want dit dossier is geen incident. Het past in een patroon. Een overheid die streng is naar burgers en bedrijven, maar soepel voor zichzelf. Die regels oplegt, maar ze creatief interpreteert zodra het geld oplevert. Tot iemand ingrijpt.

De schade is meer dan financieel. Dit is weer zo’n moment waarop vertrouwen langzaam verder afbrokkelt. Niet omdat bedrijven hun gelijk halen, maar omdat de overheid opnieuw laat zien dat macht zwaarder weegt dan rechtsstatelijke zorgvuldigheid. Totdat het misgaat.

Belastingrente:- Dit was geen onhandig foutje. Dit was beleid zonder rem, zonder reflectie, zonder respect voor juridische grenzen.
En de kosten? Die zijn nu van ons. Zoals bijna altijd.

Maar daarmee is het verhaal niet klaar. Integendeel. Want juist hier wordt het ongemakkelijk. Niet alleen omdat de renteverhoging juridisch wankel was, maar vooral omdat niemand leek te willen stoppen. Sterker nog, hoe meer waarschuwingen er kwamen, des te harder werd vastgehouden aan het beleid. Alsof toegeven erger was dan verliezen.

Aan de ene kant was er de roep om rechtsgelijkheid. Aan de andere kant een begroting die gevuld moest worden. En uiteindelijk won die laatste. Niet tijdelijk, maar structureel. Totdat de rechter ingreep. Pas toen.

Daarmee laat deze zaak zien hoe beleid ontstaat wanneer snelheid belangrijker wordt dan zorgvuldigheid. Wanneer juridische grenzen worden gezien als obstakels. En wanneer correctie pas volgt nadat de schade is aangericht. Niet vooraf, maar achteraf. Zoals zo vaak.

En ja, laten we eerlijk zijn. Er is geld nodig. Voor opvang, voor asiel, voor alles wat onder het inmiddels rekbare begrip solidariteit valt. Voor gelukzoekers, voor Oekraïne, voor noodfondsen die nooit tijdelijk blijken. Dat debat kan je voeren. Dat debat moet je voeren.

Maar dit? Dit heeft daar niets meer mee te maken.

Want begrip voor uitgaven is iets anders dan willekeur. Iets heel anders. Als de staat geld nodig heeft, zeg dat dan. Maak keuzes. Verhoog belastingen openlijk. Verdedig het in de Kamer. Maar verdubbel niet stiekem de belastingrente en doe alsof het om neutraliteit gaat. Dat is geen beleid, dat is camouflage.

Bovendien, rente is geen strafmaatregel. Althans, dat zou het niet moeten zijn. Het is bedoeld als correctie, niet als pressiemiddel. Zeker niet wanneer die correctie ineens twee keer zo zwaar wordt, zonder dat andere belastingen volgen. Dan is het geen systeem meer, maar een greep.

Kortom, wie geld nodig heeft, mag dat vragen. Wie het via een juridische achterdeur probeert te halen, krijgt vroeg of laat de rechter op bezoek. Dit keer was dat dus de Hoge Raad. En die had weinig geduld.

Lees ook: AZC Spanje en

Robert Jensen overleden.

Beluister meer meningen op Florida radio rotterdam.